Van muziek naar poëzie

Hierna vind je enkele gedichten die geïnspireerd zijn op ervaringen uit mijn werk met bewoners in de zorg. Ook schrijf ik graag over het leven, de liefde en andere menselijke zaken.
Als kind schreef ik al gedichten die mijn ouders moesten aanhoren. Soms gaat de abstractie in woorden me beter af dan direct taalgebruik.

WAAR IS MIJN WERELD?


ik weet heus wel dat het niet goed zit

met dit hoofd, dit lijf, de plek

waar ik moet wonen sinds ik dit heb

met vreemde mensen, luid en veel


vroeger was ik iets en ik was iemand

maar god mag weten wat dat was

ik ben het kwijt, dat geldt voor alles

maar denk niet dat ik al weg ben


ken je dat ? je ligt te dromen

maar je voeten doen het niet

de ruimte om je heen wordt kleiner

ik zou zo ontzettend heel erg graag


weer wakker worden.

GESLOTEN
 
vandaag ziet het er uit alsof je

jezelf hebt opgesloten, de sleutel

hebt omgedraaid en bent vergeten

de deur is dicht en de gordijnen toe


mijn klanken kloppen vruchteloos aan

mijn handen wapperen voor de ramen

maar je ziet me niet zwaaien maar

je kijkt door een kier en er is enkel


mist, ruis, dofheid, onrust

het lijf voelt als een dode kat 

geen vorm, geen kracht

dit is het dus, dit was het dus


tot je drie liedjes verder zomaar

gaat lachen, zingen, alles leeft

ineens, maar dan even, nog even

tot je je neervlijt en weer wegglijdt

GROEN


het groen dat ik vandaag zag lijkt anders dan anders

de zacht ruisende bladeren in de bomen

de dans van de takken als ze buigen voor elkaar

waren als een tijdreis naar een andere plek


gewoon op straat en dicht bij huis was ik ineens

weer in het dorp, waar de uren langer leken
 als een kind stond ik zomaar stil, kijkend

naar niets, verzonken en verdwaald


in een tijd zonder tijd, op een plek zonder naam

verstild, verbaasd, ook verloren, en alleen

maar dat gaf niets en nog steeds brengt 

de leegte mij dat gevoel van magie


eenzaam, ja, het voorrecht van de dromers

en de boete voor de tegengestelde richting

en toch gedragen door de wind

en beschermd door wie mij wil beschermen

DE DAGELIJKSE DOSIS DINGEN


Soms sta je op en de dag lijkt al verdacht.

Verdacht veel op andere, ooit eens verse dagen

Je water, je douche, je koffie en al die dingen

Misschien sliep je weer alleen vannacht


Of niet, dat kan, ach ja, soms goed, soms niet

Een vaal shirt, een soort van ongewassen dag

Te vaak gedragen, het ruikt niet fris, je zucht 

Soms zou je willen gillen, hoewel dit van jezelf niet mag


De gewoonheid van de dingen, je went er niet aan

Is dit nou het leven? kreunt gesmoord je stille hart

Zo was het ook voor mij vandaag maar weet je,

er was ook ineens een beeld, apart


vond ik dat: een leuke dame die ik zie

er kwam iets van vroeger wat leek op een geur

van gras, van bomen, van jeugd, van mij
als een andere man, ruimte, een deur


wat heeft zo’n man die ik ben geworden

aan verlangens en dromen, aan wensen, aan iets

wat amper nog te vangen is in een pallet zonder kleuren

leegte, onvindbaar, ingaan op en opgaan in niets